Wat is blaasgruis bij katten?
Blaasgruis is een verzamelnaam voor kleine kristallen in de urine. Ze ontstaan als mineralen in sterk geconcentreerde urine neerslaan. Een paar kristallen zijn niet altijd een probleem; ze komen ook bij gezonde katten voor. Het wordt een probleem als het er veel zijn: dan schuren ze langs de blaaswand, geven ze pijn en bloed bij het plassen, en kunnen ze samen met slijm een prop vormen die de plasbuis afsluit.
Klonteren kristallen aan elkaar, dan ontstaan blaasstenen. Die zijn groter, zie je op een röntgenfoto en lossen niet zomaar op. Dierenartsen scharen gruis, stenen en blaasontsteking samen onder de naam FLUTD, aandoeningen van de lagere urinewegen bij de kat. De klachten lijken sterk op elkaar; het verschil met een blaasontsteking zie je pas in het urineonderzoek.
Struviet of calciumoxalaat: twee soorten gruis
Struviet bestaat uit magnesium, ammonium en fosfaat en vormt zich vooral in urine die te weinig zuur is. Struvietgruis en kleine struvietstenen lossen meestal op met een speciaal dieet van de dierenarts. Calciumoxalaat ontstaat juist in zure urine en lost niet op; stenen van dit type moeten operatief verwijderd worden als ze klachten geven. Het type bepaalt de behandeling, en dat weet je pas na onderzoek.
Hoe ontstaat blaasgruis bij katten?
De kat stamt af van een woestijndier en drinkt van nature weinig. Zijn nieren maken daardoor geconcentreerde urine, en daarin slaan mineralen sneller neer. Alles wat de urine nog geconcentreerder maakt of de kat langer laat ophouden, vergroot de kans op gruis:
- Weinig drinken en alleen droogvoer. Brokjes bevatten circa 10% vocht, natvoer ruim 70%.
- Overgewicht en weinig beweging. Dikke katten drinken en plassen minder, en hun urine staat langer in de blaas.
- Een vieze of slecht bereikbare kattenbak, waardoor de kat ophoudt.
- Stress: een nieuwe kat, een verhuizing, verveling. Stress verandert de blaaswand en speelt bij veel blaasklachten van katten een rol.
- Katers. Hun plasbuis is lang en smal; gecastreerde binnenkaters met overgewicht zien dierenartsen het vaakst met een verstopping.
- Leeftijd en ras. Struviet komt vooral voor bij katten van 2 tot 7 jaar, calciumoxalaat vaker bij oudere katten en bij Perzen, Himalayans en Britse korthaar.
- De zuurgraad van de urine. Te weinig zuur geeft struviet, te zuur geeft calciumoxalaat; voeding heeft daar grote invloed op.
Een blaasontsteking door bacteriën is bij katten zelden de oorzaak van gruis, anders dan bij honden. Meestal is het andersom: het gruis irriteert de blaas en geeft daardoor ontstekingsklachten.